Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website gebruikt cookies en verzamelt daarmee informatie over het gebruik van de website om deze te analyseren (Google Analytics) en om er voor te zorgen dat u relevante informatie te zien krijgt. Door op akkoord te klikken, geeft u aan akkoord te zijn met het gebruik van deze cookies en het hiermee verzamelen van informatie door ons en door derden.

Akkoord
Niet akkoord

Goede zorg in de laatste levensfase

10 januari 2019

Afgelopen jaar heb ik van dichtbij meegemaakt hoe de laatste levensfase van een kwetsbare en dierbare oudere kan verlopen. In een slopend tempo veranderende de gezondheid van een vitale zelfstandige vrouw naar een volledig zorgafhankelijke, kwetsbare oudere die zich thuis niet meer kon redden en niet veilig voelde. De route verliep ongeveer als volgt: huisarts, polikliniek specialist ouderengeneeskunde, thuiszorg, huisarts, praktijkondersteuner, naar de SEH, weer naar huis, meer thuiszorg, weer naar de SEH, opname in het ziekenhuis, diagnose gesteld, geen behandeling meer willen, weer naar huis, eindelijk de CIZ-indicatie, opname verpleeghuis en overlijden. Het was niet makkelijk, verre van, want hier komt het verdriet bij van het omgaan met het steeds verder gaande verlies van de zelfstandigheid van onze dierbare.
 
Mieke Draijer geeft in haar essay aan dat we een irreëel beeld hebben van de laatste levensfase en dat de ouderenzorg dit in beeld in stand houdt. Welk beeld zien we dan?
In de krant lees ik over misstanden in de zorg: “Huisartsen weigeren nog langer zorg te verlenen aan bewoners van kleinschalige woonzorghuizen die hun interne zorg niet op orde hebben”, november 2018 of‘’In X krijgen ouderen soms een klap’. De mishandelingen lopen uiteen van verbale agressie (schreeuwen en uitschelden) tot daadwerkelijk fysiek geweld’’, april 2018. Positieve berichten verschijnen ook: zorgvlogger Tommie Niessen: ‘’Een man die voor anderen zorgt, dat is blijkbaar nog altijd apart’’, september 2018 of ‘’Je demente vader is je niet vergeten ook al herkent hij je niet’’, juli 2018. De aandacht van de pers en de politiek is vooral gericht op de verpleeghuiszorg en minder op kwetsbare ouderen die thuis wonen.
 
Had ik een reëel beeld? Ik weet het niet, denk het eigenlijk wel, maar ik weet vooral dat als het een dierbare is, je hoe dan ook graag wilt dat die laatste levensfase voor alle betrokkenen prettiger is.
En ik verwacht dat in de toekomst ouderen in hun laatste levensfase vaker in een crisissituatie terecht komen.
 
Dit is niet altijd te voorkomen, maar de manier waarop het gaat is wel te verbeteren. Mijn wens voor 2019 is dat er voor de laatste levensfase van kwetsbare ouderen in de thuissituatie meer aandacht komt. Dit betekent tijd en inzicht in de (zorg)mogelijkheden om in rust te kunnen besluiten wat de beste zorg in de laatste levensfase is. Maar ook een betere coördinatie van zorg tussen de huisarts, thuiszorg, apotheek, ambulancezorg, specialisten (ouderenzorg) en ziekenhuis rondom onze kwetsbare ouderen. Zodat we in de laatste fase tijd voor de mens hebben en niet alleen aan het regelen zijn. En dit betekent vooral, zoals Mieke Draijer schrijft, dat we ons in de laatste levensfase van onze dierbaren vooral richten op wat er nog wel is: contact, liefde, nabijheid of misschien alleen maar mooie herinneringen. Daar draag ik komend jaar graag mijn steentje aan bij. En ik zal nog bewuster genieten van het leven in het hier en nu.